/* Disable right mouse click */
Informatieve site & webshop voor iedereen met een kinderwens info@yoana.net

De baarmoeder tijdens de zwangerschap

Fundus is de medische term voor baarmoeder, het wordt ook wel uterus genoemd en in een normale staat is je baarmoeder ongeveer zo groot als een peer (gemiddeld 3 centimeter dik, 4,5 centimeter breed en 7,5 centimeter lang). Het orgaan ligt in je bekkenholte, achter de blaas en voor de endeldarm. Het wordt op zijn plek gehouden door een aantal banden, ook wel ligamenten genoemd. Door de groei van je baarmoeder tijdens de zwangerschap, die dan wel 500 keer groter kan worden en 10 keer zo zwaar, komen ze onder druk te staan waardoor je bandenpijn kan ervaren. De baarmoeder bestaat uit twee onderdelen, 1 daarvan is het lichaam van de baarmoeder, dat via de eileiders in verbinding staat met de eierstokken. Het tweede gedeelde is de baarmoederhals, die via de baarmoedermond in verbinding staat met de vagina. De wand van de baarmoeder is opgebouwd uit vier verschillende lagen, de buitenste laag bestaat uit glad spierweefsel (waardoor weeën kunnen ontstaan), de tweede laag bevat veel spieren en bloedvaten en de derde laag bestaat uit ringvormig spierweefsel. De vierde laag is het baarmoederslijmvlies, dat uit de basale en functionele laag bestaat. De basale laag is altijd aanwezig, de functionele laag wordt elke maand afgestoten na de ovulatie (tijdens de menstruatie) en groeit tijdens elke cyclus steeds weer aan. Een bevruchte eicel nestelt zich in de functionele laag.

De functies van je baarmoeder:

  • De innesteling van een bevrucht eicel: De zwangerschap begint wanneer een bevrucht eicel zich innestelt en het hormoon progesteron het baarmoederslijmvlies dik genoeg maakt. Daar waar de innesteling plaatsvindt, groeit later de placenta. Na de innesteling begint je lichaam met het aanmaken van het zwangerschapshormoon, hCG (humaan choriongonadotrofine).
  • Bescherming van je baby: Ongeveer twee weken nadat de eicel zich heeft ingenesteld, vult de vruchtzak in je baarmoeder zich met vruchtwater. Dit vocht biedt extra bescherming voor je baby tijdens de zwangerschap. Het vruchtwater functioneert niet alleen als een waar stootkussen, maar het zorgt ook voor een constante temperatuur in de baarmoeder, beschermt tegen infecties en helpt de groeiende baby om zijn ademhalingsstelsel en spijsverteringssysteem te trainen wanneer de baby er slokjes van neemt. In de baarmoeder bevindt zich de placenta, dat de groei van je baby mogelijk maakt en in stand houdt.
  • De bevalling: Na maandenlang een fijn onderkomen te zijn geweest voor je baby, speelt de baarmoeder een belangrijke rol tijdens de bevalling. De bevalling begint met veranderende hormonen die in de meeste gevallen zorgen voor ontsluitingsweeën of gebroken vliezen, waardoor vruchtwater vrijkomt. Dit kan ineens maar ook in kleine beetjes, ligt eraan hoe de baby is ingedaald.

Groei van de baarmoeder

Tijdens je zwangerschap is de groei van je baarmoeder een goede indicatie voor de groei van je kindje. Als je op controle gaat, kijkt je verloskundige hoe je baarmoeder groeit door de positie van de bovenrand (X) ten opzichte van het schaambot (S) en de navel (N) te voelen. Dit wordt ook wel de fundushoogte genoemd. Voor het meten is het belangrijk dat de blaas leeg is. Hierbij kun je meestal dit schema aanhouden:

De fundushoogte loopt dus gemiddeld gezien gelijk aan het aantal weken zwangerschap, met een afwijking tussen de -4 en +4 centimeter. Tevens wijkt de meting af, wanneer je baby gaat indalen, omdat het hoofdje meer tussen je bekken zakt. Ook kan het afwijken als de ouders afwijken qua lengte (kleiner of groter), de baby langzamer groeit, een meerling verwacht wordt, bij veel of weinig vruchtwater, de baby in stuitligging ligt of er sprake is van baarmoedermyomen of vleesbomen.

Na de bevalling moet je baarmoeder weer naar zijn oorspronkelijke grootte terugkeren. Dit kan gepaard gaan met naweeën, die je ook tijdens de nageboorte kan voelen wanneer de placenta loskomt van de baarmoederwand en kan tot 4 dagen na de bevalling duren. Wanneer je borstvoeding geeft, maakt je lichaam oxytocine aan en dit zorgt ervoor dat het samentrekken sneller gebeurd. Na een tweede of derde zwangerschap zijn de naweeën vaak erger, omdat de baarmoeder dan minder elastisch is dan de eerste keer en meer moeite moet dan om de oude vorm te krijgen.

Lees verder via de linkjes of andere onderwerpen

baarmoeder
baarmoeder